Gedichten
076 
Groot is de leegte en het verdriet.
Mooi zijn de herinneringen die hij achterliet.  

077 
Niemand weet wat leven is,
alleen dat het gegeven is.
En dat van dit geheimenis
God het begin en einde is.  

078 
Niet belangrijk is de weg die je gaat,
maar wel het spoor dat je achterlaat.  

079 
Omdat er liefde is
bestaat er geen voorbij
in alle eeuwigheid
ben jij.  

080 
Schippers varen naar oost,
schippers varen naar west,
maar wie op God vertrouwt,
vaart het best.  

081 
Zo is het goed,
zo moet 't zijn
in het licht van God,
het donker vergeten
en kind bij God te zijn.  

082 
Over dit leven
dat is geleefd
spreekt Hij
het laatste
het blijvende woord.  

083 
Gisteren is voorbij,
morgen komt nog,
vandaag helpt God.  

084 
"Daar moet aan iedere bloem een traan,
aan iedere zon een ondergaan,
aan iedere dag een avond wezen."  

085 
Zover wij konden zijn we met je meegegaan.
Na een moedige strijd ben je van ons heengegaan.
Wij zijn je dankbaar, voor al het goede ons gegeven,
in je voorbeeldige en arbeidszame leven.  

086 
Je kwam van God.
Je was bij ons.
Je blijft in ons hart.
Nu leef je bij God.  

087 
Het verdriet om zijn heengaan
kan nooit zo groot zijn als de
vreugde die hij ons heeft geschonken.

088 
Kleine zorgen kun je delen
maar er is een soort verdriet
dat kunnen mensen niet meer helen
en dat hoeft ook niet.  

089 
Zijn leven moesten wij loslaten,
in ons leven houden wij hem vast.  

090 
Doodgaan is niet zo erg
kan zelfs bevrijdend zijn.
Afscheid nemen van allen
die je liefhebben,
dat doet pijn.  

091 
Ik heb de goeden strijd gestreden,
Ik heb den loop geëindigd,
Ik heb het geloof behouden.

2 Timotheüs 4 : 7  

092 
Hij die U roept is getrouw,
die het ook doen zal.

1 Tess. 5 : 24  

093 
Jezus zei:
'Ik ben de opstanding en het leven,
wie in Mij gelooft, zal leven,
ook al is hij gestorven.'

Johannes 11 : 25  

094 
Jezus zei:
't Hijgend hert, der jacht ontkomen,
schreeuwt niet sterker naar 't genot
van de frisse waterstromen,
dan mijn ziel verlangt naar God.

Psalm 42 (ber.)  

095 
Jezus zei:
Gelijk het gras is ons kortstondig leven,
gelijk een bloem,
die op het veld verheven,
wel sierlijk pronkt,
maar kracht'loos is en teêr;
wanneer de wind zich over
't land laat horen,
dan knakt haar steel,
haar schoonheid gaat verloren:
men kent en vindt haar
standplaats zelfs niet meer.

Psalm 103 : 8  

096 
Jezus zei:
De Heer is mijn herder,
mij zal niets ontbreken.

Psalm 23  

097 
Ik kan gaan slapen zonder zorgen,
want slapend kom ik bij U thuis.
Alleen bij U ben ik geborgen.
Gij doet mij rusten tot de morgen
en wonen in een veilig huis.

Psalm 4  

098 
Ruwe stormen mogen woeden.
Alles om mij heen zij nacht,
God, mijn God, zal mij behoeden,
God houdt voor mijn heil de wacht.  

099 
Door een nacht, hoe zwart, hoe dicht,
voert Hij mij in 't Eeuwig licht.  

100 
Ik ben de opstanding en het leven,
wie in Mij gelooft, zal leven,
ook al is hij gestorven.